woensdag 17 oktober 2012

Over emotionele vergelijkingen en innovatie...


Emoties: niet bepaald een hot topic in menige koffiehoek van een bedrijf, laat staan binnen de muren van een directiekamer. Twijfel, onzekerheid, angst, wanhoop, lijden, teleurstelling, jaloezie, wantrouwen, … overal aanwezig, maar altijd onder de radar. Het is ook natuurlijk ook niet eenvoudig om dergelijke emoties bespreekbaar te maken. Meer nog: het is vaak niet eenvoudig om dergelijke en andere emoties zelf goed te analyseren. Dit boek probeert de emotie te rationaliseren door ze in een wiskundige vergelijking te gieten. Nu zie ik menig psycholoog allicht al met de ogen rollen, maar deze benadering prikkelde in elk geval mijn nieuwsgierigheid zodat het boek in mijn vakantieliteratuur zat. Vermoedelijk zat mijn linker hersenhelft er voor iets tussen.

De auteur  Chip Conley is een ervaringsdeskundige en hij schreef er een boek over: Emotional Equations - simple truths for creating happiness and success. Conley is de oprichter en algemeen directeur van de Amerikaanse boetiekhotelketen ‘Joie de Vivre’, een bedrijf met een jaaromzet van 250 MEUR.  Hij verdiepte zichzelf in de ‘wiskundige’ benadering van emoties toen hij in 2008 zelf in een tsunami van emoties kwam door persoonlijke problemen (hartstilstand, zelfmoord goede vriend) en  doordat zijn bedrijf bergafwaarts ging. Om beter vat te krijgen op die emoties, begon hij emotionele vergelijkingen te maken.  De moeder der vergelijkingen is ‘gebeurtenis + reactie = uitkomst’. Een gebeurtenis zelf heeft geen emotionele lading: het zijn overtuigingen die de reactie veroorzaken.  Door bewust te zijn van de reactie, kan je tot op zekere hoogte controle hebben over je emoties.  Tot op zekere hoogte, want emoties zijn uiteindelijk boodschappen die je de vrijheid en niet zozeer de plicht geven om te reageren: angst biedt bescherming, spijt levert een leermoment op en somberheid geeft je de kans iets los te laten. De emotionele vergelijkingen kan je beschouwen als een psychologische GPS om emoties zelf waar te nemen, te vertalen, onder controle te brengen en te kanaliseren.

Hieronder een bloemlezing van enkele vergelijkingen. De bruggen naar innovatie zijn voor mijn rekening:

Wanhoop = lijden – zingeving:  meteen een diepzinnige vergelijking om met te starten. Anders gezegd: lijden zonder zingeving leidt veelal tot wanhoop. Of zoals Nietzsche ooit neerschreef: de waarde die we onszelf geven, hangt af van de manier waarop we pijn en leed transformeren in iets wat de moeite waard of zinvol is in ons leven. Innoveren geeft bij momenten veel miserie. Als het doel (zingeving) voor ogen wordt gehouden, is de kans op beslissingen die ingegeven worden door wanhoop (naar mislukking) klein.

Teleurstelling = verwachtingen – de realiteit. Het beste wat we kunnen doen om de levenskwaliteit te be├»nvloeden is dus het beheersen van de verwachtingen. Het risico loert hiermee natuurlijk om de hoek om de verwachtingen erg laag te maken om teleurstelling te vermijden.  De clou is niet om geen verwachtingen te hebben, maar wel om verwachtingen tijdig bij te stellen. Voor teleurstelling is er trouwens meestal frustratie, dat een voortstuwend effect heeft. Bij innovatie komt het er vooral op neer om realistische verwachtingen te hebben. Bij starters zie je soms een enorme gedrevenheid die gestuwd wordt door enorme verwachtingen. Als die vervolgens niet helemaal worden ingevuld, loert teleurstelling om de hoek en die kan omslaan in immobilisme. De beste starters kenmerken zich door een enorme veerkracht in zo’n geval.

Spijt = teleurstelling + verantwoordelijkheid. Spijt is dus intrinsiek het gevolg van een keuzeproces, waarbij het gevoel kan ontstaan een verkeerde keuze te hebben gemaakt. Dat is meteen het verschil met wroeging, want dan komt er ook nog een schuldgevoel bij (wroeging = spijt + schuldgevoel). Innoveren is vaak kiezen. Je kan niet alles voor iedereen willen doen. Op het moment dat de keuzes bewust gemaakt zijn, is spijt geen negatieve emotie. Ze stimuleert eerder een leerproces om het een volgende keer nog beter aan te pakken.

Angst = onzekerheid*machteloosheid: we hebben de neiging om iets dat we als bedreigend ervaren te overschatten en om ons vermogen om ermee om te gaan te onderschatten. De huidige lange crisis veroorzaakt vooral angst omdat het onduidelijk is hoe lang ze nog zal duren. Of zoals onderzoek al aantoonde: liever een grotere elektrische shock nu dan een kleinere op een onverwacht moment. De vergelijking laat weinig aan de verbeelding over: controlefreaks zijn vaak angsthazen, angst voor het onbekende. Het zijn zelden goede innovatoren, maar ze zijn anderzijds hier en daar wel nuttig in een innovatieteam. Projectmanagement is nooit ver weg.

Werkverslaving = waar loop je voor weg/waar leef je voor: Vooral in Amerika, maar daardoor meer en meer ook in Europa, worden de ‘goden der werkverslaving’ de hemel in geprezen. Ze dragen ongetwijfeld sterk bij aan ons Bruto Nationaal Product, maar helaas veelal amper of zelfs negatief tot het Bruto Nationaal Geluk. Erg vaak vlucht een workaholic voor zijn emotionele problemen of onzekerheden door harder te gaan werken.

Flow = vaardigheid/uitdaging (met als doel dat flow = 1): het woord flow valt niet zelden in de context van sportmanifestaties. Als Bradley Wiggins de tijdrit van de Olympische Spelen won, leek hij in een volledige flow te zijn.  Flow impliceert dat je je niet meer van jezelf bewust bent.  Teveel uitdaging zonder vaardigheid resulteert in angst. Teveel vaardigheid zonder uitdaging resulteert in verveling.  Bij flow zijn vaardigheid en uitdaging perfect in evenwicht.  Flow vereist echter ook een activiteit die een duidelijk doel nastreeft en het ontvangen van onmiddellijke feedback. Bij innovatie is het vooral belangrijk om te zorgen dat teamleden zo dicht mogelijk bij de flow komen.

Nieuwsgierigheid = verwondering + ontzag. Creativiteit krijgt als eigenschap meer aandacht omdat ze iets tastbaars heeft. Nieuwsgierigheid streeft meestal geen vastgelegd doel na, maar houdt de geest actief en ad rem. Het is de ideale voedingsbode voor creativiteit. Nogal wat nieuwsgierigheid wordt gesmoord door de onkunde/onwil om toe te geven dat je niet weet wat je niet weet. Het ego, weet je… Verwondering wordt vaak vergeleken met ontzag, maar ontzag impliceert een zekere mate van respect voor het onbekende. Het draagt daardoor nederigheid en soms zelfs angst in zich. Binnen innovatieteams kan nieuwsgierigheid aangewakkerd worden door van vragen te stellen een gewoonte te maken.

Authenticiteit = zelfbewustzijn x moed: We maken allemaal TO DO lijstjes, maar zelden een TO BE lijstje.  Authenticiteit vraagt reflectie over wat je echt wil zijn en de moed om je zo ook te gedragen naar de buitenwereld.

Integriteit = authenticiteit x onzichtbaarheid x betrouwbaarheid: of zoals de Christelijke theoloog C.S. Lewis ooit schreef: integriteit is het goede doen terwijl niemand toekijkt.  Vraag is dus welke maskers je draagt.

Geluk  = willen wat je hebt/hebben wat je wilt. De noemer ‘hebben wat je wilt’  sluit allicht dicht aan bij de definitie van ‘succes’ in de Westerse maatschappij. De kans is klein dat de Forbes top 100 van rijkste mensen veel parallel vertoont met de onbestaande lijst van 100 meest gelukkigen.

Het boek bevat nog diverse andere vergelijkingen en roept op om zelf nieuwe vergelijkingen te maken als je bepaalde emoties beter wil begrijpen. Uiteraard kan elke vergelijking aanleiding geven tot discussie over termen en factoren. Essentie is echter dat Chip Conley een moeilijk bespreekbaar topic als emoties door een rationeel hulpmiddel bespreekbaar maakt, in de eerste plaats voor jezelf. Ik ben met veel argwaan aan dit boek begonnen, een ingenieurstrekje allicht, maar het boek verdient een plaats op mijn lijst van ‘te herlezen’ …

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen