donderdag 8 januari 2026

Wat de peper-en-zout-vlinder leert over het belang van economische diversiteit voor een groeiende Vlaamse economie in 2026...

Tijdens de Industriële Revolutie in Groot-Brittannië trok de evolutie van de peper-en-zout vlinder de aandacht van menig bioloog. Toegegeven, het is een iet of wat gepopulariseerde benaming voor de Berkenspanner, maar deze blog kreeg vorm in de tsunami aan culinair genot die de Kerstdagen kenmerkt, tenminste als je het geluk hebt om daarvan te kunnen genieten. Voor de 19de eeuw waren de meeste peper-en-zoutvlinders eerder lichtgekleurd. Dat zorgde voor een ideale camouflage tegen boomschors bedekt met lichte korstmossen. Door de vervuiling en roetafzetting door de toenmalige door kolen gedreven industrialisering, stierven de korstmossen af en werden de boomstammen donkerder. Binnen de populatie van peper-en-zoutvlinders bestonden door genetische variatie al donkere varianten, maar die waren zeldzaam. Toen de omgeving door industrialisatie veranderde, kregen net deze donkere motten een groot selectief voordeel. De lichtere motten vielen op en vielen daardoor ten prooi aan de vogels. Een mooi staaltje van hoe genetische variatie binnen een populatie leidt tot snellere adaptatie aan veranderende omgevingsfactoren. Dit fenomeen werd al in 1930 theoretisch onderbouwd door de Britse statisticus en evolutionair bioloog Ronald Fisher. In zijn fundamentele theorema van de natuurlijke selectie stelde hij dat de snelheid waarmee een populatie zich aanpast aan een veranderende omgeving direct evenredig is aan de genetische variatie binnen die populatie. Met andere woorden: hoe diverser een populatie, hoe groter de kans op succesvolle aanpassing en evolutie. 

Over naar economische ecosystemen. Innovatieve en bloeiende regio’s zijn niet alleen afhankelijk van topbedrijven, maar meer nog van de dynamische wisselwerking tussen corporates, kmo’s en startende ondernemingen. Net zoals in de natuur, waar een homogene populatie kwetsbaarder is voor ziekten en externe schokken, is een monocultuur in de economie gevaarlijk. Regio’s die te sterk afhankelijk zijn van enkele grote bedrijven of een specifieke sector, lopen het risico om bij een economische schok hun competitiviteit te verliezen. De sluiting van de Limburgse mijnen was een duidelijk voorbeeld van een te sterke afhankelijkheid van een homogene populatie. Mooi beschreven is ook The rise and fall van de Detroit met haar automobielnijverheid, zeker na de financiële crisis van 2008.  Diversiteit in de bedrijfswereld, met een evenwicht tussen starters, kmo’s en grote ondernemingen, zorgt ervoor dat innovatie sneller doorstroomt en dat ook de Vlaamse regio zich beter kan aanpassen aan marktschommelingen. Ze hebben daarbij elk hun rol:

  • Startups: de mutaties van de economie. Startende bedrijven spelen in deze context de rol van genetische mutaties in een evoluerend systeem. Niet elke startup overleeft, maar de experimenten en innovaties die start-ups introduceren, zorgen voor disruptie in bestaande of creatie van nieuwe markten. Van fintech, over legaltech tot medtech: voor zowel elke sector kunnen nieuwe oplossingen gestut door stevige business modellen zorgen voor disruptie.  Deze mutaties brengen vernieuwing en zorgen voor een continue stroom aan ideeën die de economische veerkracht versterken. Of zoals het jaarverslag 2025 van de Nationale Raad voor Productiviteit het stelt: "Innovatieve start-ups en scale-ups vormen een cruciale motor voor disruptieve innovatie en structurele transformatie, en dus voor productiviteitsgroei. Hoewel hun aantal beperkt is, kunnen zij uitgroeien tot een nieuwe generatie van technologische koplopers die niet alleen hoge toegevoegde waarde creëren, maar ook positieve spillovers genereren voor het innovatie-ecosysteem in brede zin (inclusief de niet-marktactoren). Bovendien kunnen deze ondernemingen bijdragen aan het verkleinen van de afhankelijkheid in strategische sectoren en sleuteltechnologieën, en versterken ze zo de Europese weerbaarheid." We trekken daarom dit jaar ons instrument Innovatieve Starterssteun verder open met maandelijkse pitchdagen waardoor pionierende start-ups nog sneller weten of ze ondersteuning kunnen krijgen richting proof of business/concept. De oproep Schaalklaar 2026 staat ook al open met een verplichte vooraanmelding van 24 tem 30 april.

  • Kmo’s als de adaptieve specialisten. Middelgrote bedrijven vormen het adaptieve middensegment van het economische ecosysteem. Ook al zeggen we vaak dat kmo's de ruggengraat vormen van de Vlaamse economie, hun rol in het geheel en de uitdagingen die daarbij spelen heden zijn niet te onderschatten. Zij nemen vaak succesvolle innovaties van startups over en schalen deze op binnen hun markten. Ze vormen de brug tussen ruwe innovatie en massale adoptie. Door hun wendbaarheid en pragmatische aanpak spelen zij een cruciale rol in de verspreiding en optimalisatie van nieuwe technologieën binnen een bredere industriële waardeketen. Dit jaar publiceerde de OECD een rapport met als titel 'Unleashing SME Potential to Scale Up' over succesfactoren om scalers beleidsmatig te ondersteunen. Hoewel binnen het segment van startups het schalingspotentieel % hoger is dan bij kmo's, is voor de ganse economie bekeken het schalingspotentieel bij mature kmo's beduidend groter, gezien er in de economie veel meer kmo's zijn.

  • Corporates: de stabiliserende kracht Grote bedrijven zijn de mastodonten van de economie. Ze beschikken over de middelen om grootschalige innovatie te ondersteunen, hebben toegang tot internationale markten en bieden stabiliteit in tijden van economische turbulentie. Maar zonder interactie met kleinere en innovatieve spelers kunnen ze log en inflexibel worden. Een deel (eerder te weinig)corporates investeren daarom in startups via corporate venturing of zetten samenwerkingen op met kmo’s om innovatie sneller te adopteren.  

Balans opzoeken tussen stabiliteit en vernieuwing Een succesvolle economische regio is niet anders dan een succesvol natuurlijk ecosysteem: er is een constante dynamiek nodig tussen stabiliteit en vernieuwing. Te veel stabiliteit (monocultuur) leidt tot rigiditeit en crisis bij verandering, terwijl te veel chaos zonder sterke spelers resulteert in een ongestructureerd en kwetsbaar systeem. We hebben dus nood aan een industriebeleid én een visie die inzet op sterke start-up & scale-up systemen én op een brede diffusie van innovaties naar kmo's. Met VLAIO zetten we daarom ook in 2026 bewust verder in op het ondersteunen van alledrie met een mix van instrumenten zoals het financieel ondersteunen van innovatie en duurzame investeringen, het aanmoedigen van innovatief aanbesteden vanuit overheden, het uitbouwen van een sterk netwerk van universiteiten, onderzoekscentra, incubatoren, clusters, investeerders en ondernemerschapsorganisaties én een eigen aanbod van begeleiding via onze VLAIO bedrijfsadviseurs. Zij adviseren in hoofdzaak ambitieuze start-ups & scale-ups en kmo's, verbinden ze met relevante kennis en mogelijke financiers en verlagen de toegang tot Vlaamse en Europese subsidies en partners. Net zoals Fisher aantoonde dat genetische diversiteit de motor is van evolutie, is economische diversiteit de sleutel tot een veerkrachtige en innovatieve Vlaamse regio en daar dragen we met veel overtuiging verder toe bij in dit nieuwe jaar...

Ik wens je een gezond, veerkrachtig en divers 2026!